Impressie eindejaarswake
Verslag van de Stiltij wake 2011 (26 t/m 30 december 2011), door Jean-Paul Barbou.
"Hé, hé, eindelijk zicht op een zinvolle invulling van het einde van het jaar", tenminste dat was mijn eerste reactie bij het lezen van het initiatief een wake te houden tijdens de laatste dagen van het jaar. Het beeld van een eeuwig brandende kaars versmolt in mijn geest samen met de locatie in Moorveld. Mijn hart bonsde in mijn keel, bijna als een verliefdheid. Wat ontzettend fijn om op deze manier het jaar af te sluiten en expressie te kunnen geven aan een diep gevoelde liefde voor de Weg.
Vanwege het specifieke karakter van de wake een kostbare gelegenheid om die liefde vrijelijk te laten stromen naar alle wezens. De wake maakt mededogen, een kwaliteit die in de praktijk niet altijd even makkelijk te belichamen is, heel concreet. Gedurende enkele dagen krijg je de gelegenheid te branden, te waken, voor vrede, rust, liefde, niet alleen voor jezelf maar voor alle levende wezens. Het anonieme karakter van de wake garandeert de duurzame kwaliteit ervan. Wat een mogelijkheid, wat een intiem feest, onhoorbaar, onkenbaar openbaart zich de vreugde van de Weg.

De indringende blik van Bodhidharma (schildering van Sengai)
Zojuist schreef ik dat het een gelegenheid is te waken voor vrede, rust, liefde, maar eigenlijk is het waken over vrede, rust, liefde. Tenminste dat was een aspect dat tijdens de korte overlegmomenten tussen de meditatie-periodes door steeds terugkwam. Dat dit de vanzelfsprekende taak van de Bodhisattva is en dat dit ook de kwaliteit is die bruikbaar is voor andere schepselen: dat vrede, rust, liefde mogelijk zijn, dat er mensen zijn die hierin thuis zijn, hierover waken en je kunnen bevestigen dat je hart klopt, dat er zoiets bestaat als waarheid.
Hartskwaliteiten moeten uiteindelijk belichaamd worden, dat is waar het om gaat. In onze dagelijkse oefening is de aandacht vaak in eerste instantie gericht op de bevrijding van onszelf, wetende dat dat de beste garantie is voor een daadwerkelijk vruchtbare dienstbaarheid. De context van de wake geeft je echter de mogelijkheid om je hartsintentie in al zijn definitiefheid voelbaar te maken, grenzeloos jezelf overschrijdend. Voor mij persoonlijk een ontroerend gegeven, om jezelf zo liefdevol te mogen opstellen.
Eigenlijk is de wake één grote oefening in vertrouwen. Niet ik waak over al die kostbare hartskwaliteiten, maar ik geef me over, vertrouw het leven totaal me te laten bewegen: wetende dat dat de best mogelijke manier is te waken over het leven zelf. Concreet gezien betekent dit dat de oefenvorm alle gezag krijgt.
Tijdens het eerste overleg van de wake diende het aspect van toewijding (Boeddha) en afleiding (Mara) zich aan. Waken, wakker zijn betekent: je wijden aan je taak, je bent een toegewijde. Als je niet wakker bent, ben je afgeleid, je bent een afgeleide. Het kenmerkende aspect van Boeddha is dat hij je wil opnemen, door toewijding versmelt je in eenheid. Mara verstopt zich juist en wil zich niet laten kennen, door begeerte (woede en waan) ontstaat afleiding.
Als afgeleide ben je de verbinding met de eenheid niet kwijt, maar je bevindt je in afgeleid gebied (= niet het geheel). Dankzij de toewijding aan het oefenen vind je de weg terug naar eenheid, niet alleen voor jezelf maar voor iedereen.
> MEER over de eindejaarswake






