Swami Ramdas

27-06-2011

Onderricht van Vedanta leraar Swami Ramdas (1884-1963), Papa Ramdas voor zijn leerlingen.

swami_ramdas.jpg

KEN DE BRON

Wanneer we ons terugtrekken in de diepten van stilte binnen onszelf, dan komen we terecht bij de werkelijke basis van ons leven. We ontdekken dat alle leven en alle manifestaties ervan in hun wonderlijke schakeringen en veelsoortigheid uit deze Bron zijn voortgekomen. Op deze bronplek ontdekken we de tijdloze stroom van vrede en vervulling. Zolang een mens geen zicht krijgt op dit wezenlijke bestaan zal hij slechts kunnen tasten aan de oppervlakte en in het duister dus, grijpend naar ijdele en vluchtige dingen, in de overtuiging dat deze hem de ware vrede en vervulling zullen schenken waar zijn ziel naar hunkert.

Het louter deelnemen aan een groep of het aanvaarden van een geloof zal jou niet doen vorderen op het waarheidspad. Hoe kun je hopen spirituele rijpheid te bereiken door simpelweg lid te worden van een genootschap of instituut of door leerlingschap te verwerven van een of andere grote, gerealiseerde persoonlijkheid? Daar is heel wat anders voor nodig. De uiteenlopende ervaringen in het leven moeten begrepen en aanvaard worden, zodat je dankzij de voortdurende verbinding met de innerlijke realiteit van je bestaan het pad naar de waarheid op een constante en continue manier kunt bewandelen. Wat met name nodig is, is het verleggen van je aandacht van buiten naar binnen, dat wil zeggen het volledig tot rust brengen van de schichtige, uitwaaierende geesteswerking door middel van juist overwegen, juist inzicht en juiste meditatie. De geest moet tot rust komen en de ongecontroleerde dynamiek ervan moet beheerst gaan worden. Doorzettingsvermogen en onophoudelijke toewijding zijn de kwaliteiten van de echte leerling en waarheidszoeker. Onverschilligheid, luiheid en onachtzaamheid zijn de vijanden van geestelijke groei. Bewustheid, gewaarzijn en inzet zijn de grondkwaliteiten van een beoefenaar.

Het is waar dat het ego moet worden onderworpen voordat zelfverwerkelijking kan plaatsvinden. Het is niet zo eenvoudig om het ego af te leggen. Een lauwe poging en emotionele uitbarstingen kunnen het niet uitwissen. Overgave is niet zo eenvoudig te realiseren als menigeen denkt. Het ik-gevoel is het grote obstakel voor de bewuste mens die de tocht maakt naar de Bron van bewustzijn. Het ik-gevoel dempen is het lichaamsgewaarzijn transcenderen - verwijlen in een aldoordringend universeel bewustzijn. Het is te vergelijken met een verplaatsing uit de contreien van duisternis naar het koninkrijk van licht. Het is een bevrijd zijn uit de macht van de dood door je eigen onsterfelijkheid te verwerkelijken. Het is het samengaan van de vonk met het eeuwige vuur. Het is het eindeloos zich openen van een klein overleven en beeldvorming naar onbegrensde visie en beleving. Als we de Bron kennen en zien, begrijpen we de ware bedoeling van dit leven. Zonder dit inzicht blijft de mensheid gevangen in onvrede, conflict en lijden.

De verwerkelijking van onvoorwaardelijke vrede en vrijheid is zowel individueel als universeel, want individuele vrijheid is de basis voor universele vrijheid. De waarden in ons leven moeten daarom niet ontleend worden aan uiterlijke regels en bepalingen, condities en omstandigheden, maar door een alomvattend vertrouwd zijn met de Kracht die aan de basis van dit leven ligt. Een werkelijk spiritueel leven dicteert niet wat men al dan niet moet doen. Wat bepalend is, is vanuit welke visie en vanuit welk inzicht het leven wordt geleid. Het allerbelangrijkste dus dat iedereen moet doen is het blootleggen van de onsterfelijke basis van je bestaan om vanuit deze basis bewust te kunnen kijken naar de buitenwereld. Zo zal je leven zich vanzelf heel harmonisch aanpassen aan het leven van alle andere schepselen in deze wereld. Zelfs in externe conflicten zal er dan nog de muziek klinken van een subtiele universele harmonie. Zoek dus de waarheid in jezelf - stop niet voordat je het volledige inzicht erin gevonden hebt. Maak dit de permanente basis van alle activiteiten in je leven. Ken deze Bron en wees vrij.


Swami Ramdas: The divine life. Kanhangd 1934/1991, p. 99
Vertaling: Ad van Dun
Meer info: wikipedia

 

> zie ook Ramana en Ramakrishna


afsluiting

 

gerelateerde trefwoorden