Joko Beck overleden
Charlotte Joko Beck, Zen-leraar en -schrijfster, is vredig gestorven op 15 juni 2011 om 7:30 uur in de ochtend, op 94-jarige leeftijd.
Core belief
Een aflevering van een reeks dharmalezingen, getiteld "Living everyday zen", van Joko Beck met veel aandacht voor omgaan met karmische krachten (gedachten, gevoelens etc.).

Recensie van deze reeks:
Charlotte Joko Beck has been a Zen master in San Diego for more than forty years (she was born in 1917). She has a reputation of not wasting her breath. Literally.
In these three discs, she proves herself to be a somewhat shy, a soft-spoken and an extremely wise teacher. She says that daily, regular "sitting" can lead us to see into our "core beliefs." These are the prejudices and fears that came to us in the first five years of our lives.
We had parents who cared for us (probably), who said and did contradictory things (probably), who hurt us (probably), and who gave us a set of strictures that may, after all these years, still rule us ... sometimes hurtfully so. "A child's brain cannot afford to blame the parents," she says. Core beliefs mean confusion, manipulation (of others, of self), and suffering. Sitting can be a way out of this "mayhem."
Those who come to Buddhism are seeking, she tells us, "a life of freedom, and a life of compassion." Daily sitting will give us a chance to "cut into the upset," to see how these core beliefs can rule us, hurt us. "It is very simple," she says. "When you sit, be aware of your thoughts, and be aware of your bodily sensations. That's it."
Zen is elegant, "elegance is refusal." "Use concentration in the service of awareness," she says. "Listen to the traffic," The traffic, the wind in the trees, the sounds from outside.
She cites the priest Anthony Demillo, who said that we should view all people as mean, vicious, untrustworthy and manipulative. "And innocent. And blameless."
Zen is a "returning to silence." It is the practice of dying to the self. When you seek something, seek it over years, and finally get it (a new car, a house, a million dollars) the question should be, "And then what?"
This is powerful stuff. I have been here for an hour trying to boil her words down, but her words are already concise and to the point. So I give up.
If you have an interest in Zen Buddhism, or in merely shutting up the mind-babble, it is worth your while to listen to Joko Beck. She is elegant, avoids stuff and nonsense. "True nature is no nature," she says. "Our core beliefs make us slaves," she says. "Practice is austere," she says. If we are living "caught up in our fears," we are not living.
It is the pretend excitement of our thoughts that catches us every time. But thoughts and passions and prejudices and hates and angers just aren't worth it.
They will pass.
Listen to the traffic, not the sirens.
Info Joko Beck: Ordinary Mind School
Recensie: Deb Das

Niets bijzonders
Boeiend praktijk-portret van Zen lerares Joko Beck.
N.b.: de link op de BOS site verwijst naar minder gangbaar RealPlayer formaat.
Daarom een nieuwe link gemaakt.

De Amerikaanse zenlerares Joko Beck is schrijfster van de bekende boeken Everyday Zen en Nothing Special. Ze is bijzonder door haar opmerkelijke aanwezigheid, helderheid en eenvoud. Weinig zenleraren belichamen de zenkwaliteit van Nothing Special (niets bijzonders).
"Wanneer elke minuut van je leven beoefening is, dan treedt een erosie op van de gebruikelijke manier om naar dingen te kijken. Wij proberen iets magisch te verwezenlijken aan het eind en ontkennen al de harde training die nodig was om er te komen. Er moet een pad afgelegd worden; het is niet een plek die bereikt moet worden."
Joko Beck werd in 1983 de derde Dharma-erfgenaam van Maezumi Roshi en sindsdien onderwijst zij aan het Zen-centrum in San Diego.

Sisyphus en de last van het leven
Onderrichting van Joko Beck.

In de Griekse mythologie komt het verhaal voor van Sisyphus, koning van Korinthe, die door de goden tot een eeuwigdurende straf was veroordeeld.
Hij moest eindeloos een gigantisch zwaar rotsblok tegen een heuvel oprollen - en als het bovenaan was, rolde het weer omlaag.
Hij ploeterde om het rostblok naar de top van heuvel te brengen, alleen om het weer omlaag te zien rollen.
Steeds maar weer opnieuw, tot in de eeuwigheid.
We beschouwen de taak van Sisyphus als moeilijk en onaangenaam.
Maar hij duwt alleen van moment tot moment het rotsblok omhoog en kijkt hoe het terug rolt.
Net als Sisyphus doen we allemaal van moment tot moment gewoon wat we doen.
Maar aan die handeling koppelen we oordelen, ideeën.
De hel zit hem niet in het omhoogduwen van het rotsblok, maar in het er over nadenken, in het scheppen van iedeeën van hoop en teleurstelling, in ons afvragen of het ons uiteindelijk zal lukken het rotsblok boven te houden. 'Ik heb zo hard gewerkt! Misschien blijft het rostblok dit keer liggen.'
Onze inspanningen zetten dingen in gang, en door dingen in gang te zetten, bereiken we het volgende moment.
Misschien blijft het rotsblok inderdaad een tijdje bovenaan liggen: misschien ook niet. Geen der gebeurtenissen is op zichzelf goed of slecht.
Het gewicht van de rotsblok, de last, wordt bepaald door de gedachte dat ons leven een strijd is, dat het anders zou moeten zijn dan het is.
Als we onze last als onaangenaam beoordelen, proberen we te ontsnappen.
De een probeert door dronkenschap te vergeten dat hij het rotsblok omhoog moet duwen. De ander manipuleert mensen om hem te helpen duwen.
Vaak proberen we de last op iemand anders af te wentelen, zodat we aan het werk kunnen ontsnappen.
Wat zou voor koning Sisyphus de verlichte staat zijn? Tot welk inzicht zou hij kunnen komen als hij het rotsblok een paar duizend jaar omhoog heeft geduwd?
Gewoon het rotsblok duwen en de hoop opgeven dat zijn leven anders zal worden dan het is.
De meesten van ons hebben het idee dat de verlichte staat veel beter voelt dan een rotsblok duwen!
Heb je 's morgens bij het wakker worden nooit gesputterd: 'Ik wil niet eens denken aan alle dingen die ik vandaag moet doen'?
Maar het leven is zoals het is. En ons oefenen heeft niets te maken met ervoor zorgen dat we ons goed voelen, ook al is dat een zeer menselijk verlangen.
We houden allemaal van dingen die ons een goed gevoel geven. We houden vooral van een partner die ons een goed gevoel geeft. Als een partner ons geen goed gevoel geeft, gaan we ervan uit dat dingen moeten veranderen, dat hij of zij moet veranderen!
Omdat we mens zijn, denken we dat een goed gevoel het doel van het leven is.
Maar als we ons gewoon richten op het rotsblok dat we nu onder handen hebben, en proberen gewaar te zijn wat er met ons gebeurt terwijl we duwen, transformeren we langzaam.
Charlotte Joko Beck: Niets bijzonders; zen in het
dagelijks leven.
Amsterdam 1997, p. 23-25

Draaikolken en stilstaand water
Onderrichting van Joko beck
We zijn eigenlijk net als een draaikolk in de rivier van het leven. In
haar loop kan een rivier of stroom rotsen, takken of oneffenheden in de
bedding raken, waardoor er hier en daar spontaan draaikolken ontstaan.
Water komt in een draaikolk terecht, stroomt er snel doorheen en stroomt
weer met de rivier verder, tot het weer in de volgende draaikolk
terecht komt, enzovoort.
Hoewel het er soms even op lijkt dat het een op zich staande gebeurtenis
is, is het water in de draaikolk gewoon de rivier zelf. De stabiliteit
van een draaikolk is slechts van tijdelijke aard.
De energie van de rivier van het leven vormt levende dingen - een mens,
een poes of een hond, bomen en planten - vervolgens wordt datgene wat de
draaikolk op zijn plek hield, zelf veranderd, en wordt de draaikolk
weggevaagd, gaat weer op in de grote stroom. De energie die een bepaalde
draaikolk vormde, lost op en het water stroomt verder, misschien om
opnieuw voor korte tijd in een draaikolk terecht te komen en er deel van
uit te maken. Maar we zien ons leven liever niet op die manier.
We willen onszelf niet beschouwen als alleen maar een tijdelijke
formatie, een draaikolk in de rivier van het leven. Maar het is een feit
dat we een tijdelijke vorm aannemen; als de omstandigheden er naar
zijn, lossen we weer op.
Er is niets mis met oplossen; het is een natuurlijk onderdeel van het
proces. Maar we willen geloven dat het kleine draaikolkje dat we zijn,
geen deel uitmaakt van de stroom. We willen onszelf als blijvend en
stabiel beschouwen. We steken al onze energie in het beschermen van onze
vermeende afgescheidenheid.
Om die afgescheidenheid te beschermen, werpen we kunstmatige vaste
grenzen op, en als gevolg daarvan verzamelen we overtollige bagage,
dingen die in onze draaikolk terecht komen en er niet meer uit kunnen.
Dus raakt onze draaikolk verstopt en wordt het proces een puinhoop.
De stroom moet natuurlijk en vrij zijn weg kunnen vervolgen. Als onze
eigen draaikolk helemaal vast is gelopen, belemmeren we ook de energie
van de rivier zelf. Ze kan geen kant op. Draaikolken in de buurt
krijgen misschien minder water, omdat we ons zo fanatiek vastklampen.
Het beste dat we voor onszelf en het leven kunnen doen, is ervoor zorgen
dat het water in onze draaikolk blijft stromen en niet troebel wordt,
zodat het gewoon naar binnen en naar buiten stroomt. Als het helemaal
vastloopt, scheppen we moeilijkheden - mentaal, fysiek en spiritueel.
We dienen de draaikolk het beste, als het water dat er binnenstroomt
vrije doorgang heeft en gemakkelijk en snel zijn weg kan vervolgen. De
energie van het leven streeft naar snelle transformatie. Als we het
leven zo kunnen beschouwen en ons nergens aan vastklampen, komt en gaat
het leven gewoon.
Charlotte Joko Beck: Niets bijzonders; zen in het
dagelijks leven.
Amsterdam 1997, p. 10






